Vorig jaar zomer overleed de auteur, zakenman en avonturier Janwillem van de Wetering op 77-jarige leeftijd in Maine (VS). Van de Wetering kwam al vroeg tot de ontdekking dat het burgerlijk bestaan hem niet aantrok. Zijn zoektocht naar betekenis en zingeving begon rond zijn tiende jaar - hij besefte dat er iets helemaal niet klopte aan de wereld toen hij zag hoe zijn joodse vriendjes door de Duitsers werden afgevoerd. Sindsdien liet de vraag naar de zin van het leven hem niet meer los. Het was voor hem onacceptabel dat "alles alleen maar begint om te eindigen." Zijn innerlijke zoektocht leidde hem over de hele wereld. Hij studeerde filosofie in Londen en reisde vele malen naar Japan waar hij vanaf 1958 met zeer veel regelmaat maandenlang verbleef in zenkloosters. In zijn eerste boek De lege spiegel vertelt hij over zijn ervaringen in Japan. Dit boek is het begin van een trilogie over zijn zenavonturen, waarvan het laatste deel, Zuivere Leegte, ervaringen van een respectloze zenleerling, in 2000 werd uitgegeven. Zijn boeken zijn vertaald in het Engels en Duits. In Duitsland is er zelfs een 25e druk verschenen van De lege spiegel.
In de zen vond hij waar hij altijd naar op zoek was geweest, iets wat de dualiteit te boven ging, wat de tegenstellingen oversteeg. Hij zag de leraar als “de losmaker, iemand die alles los tikt waar je op steunt, maar zonder dat je er gek van wordt.” Waar hij naar streefde was onthechting - het volledige loslaten zonder onverschillig te worden.
Hij was een lastige leerling - hij liep bijvoorbeeld eens dronken door een papieren kloosterwand. De Spartaanse discipline van de zentraditie viel hem in het begin zwaar - de monniken in het klooster beklaagden zich regelmatig over hem bij de abt - maar deze nam het altijd voor hem op. Gaandeweg wierpen zijn urenlange meditaties en geworstel met de geheimzinnige koans vruchten af. “...Iedereen weet, hoe verborgen en hoe onbewust ook, dat hij niet echt iets met zich meedraagt, dat hij in zuivere leegte leeft. Een conversatie met een roshi, met zijn ware ik, schokt dat inzicht los, meestal maar heel even...”
Naast zijn mystieke boeken schreef hij talloze misdaadverhalen. Mede door zijn bekendheid als auteur van het politieduo Grijpstra & de Gier heeft hij met de beschrijvingen van zijn spirituele zoektocht een breed publiek bereikt. Toen De lege spiegel uitkwam was er over zen nog bijzonder weinig geschreven door Nederlandse schrijvers. Het was uitzonderlijk in die tijd dat iemand zijn rebelse, westerse postmoderne geest onderwierp aan de zendiscipline en -filosofie. Hij maakte in zijn boeken het principe van de meester-discipel verhouding inzichtelijk en behandelde het met respect. Door zijn toegankelijke, humorvolle, nuchtere en tegelijk diepgaande stijl van schrijven was hij voor veel mensen de eerste toegangspoort tot oosterse filosofie.
Bang voor de dood was hij niet. In de door de boeddhistische omroepstichting gemaakte documentaire To infinity and beyond beschrijft zijn vrouw: “… tijdens een dreigende noodlanding van een vliegtuig, waarbij iedereen in doodsangst verkeerde, zat hij rustig met zijn koptelefoon op naar Miles Davis te luisteren en zei: “ik ga naar het grote avontuur…”
In de zen vond hij waar hij altijd naar op zoek was geweest, iets wat de dualiteit te boven ging, wat de tegenstellingen oversteeg. Hij zag de leraar als “de losmaker, iemand die alles los tikt waar je op steunt, maar zonder dat je er gek van wordt.” Waar hij naar streefde was onthechting - het volledige loslaten zonder onverschillig te worden.
Hij was een lastige leerling - hij liep bijvoorbeeld eens dronken door een papieren kloosterwand. De Spartaanse discipline van de zentraditie viel hem in het begin zwaar - de monniken in het klooster beklaagden zich regelmatig over hem bij de abt - maar deze nam het altijd voor hem op. Gaandeweg wierpen zijn urenlange meditaties en geworstel met de geheimzinnige koans vruchten af. “...Iedereen weet, hoe verborgen en hoe onbewust ook, dat hij niet echt iets met zich meedraagt, dat hij in zuivere leegte leeft. Een conversatie met een roshi, met zijn ware ik, schokt dat inzicht los, meestal maar heel even...”
Naast zijn mystieke boeken schreef hij talloze misdaadverhalen. Mede door zijn bekendheid als auteur van het politieduo Grijpstra & de Gier heeft hij met de beschrijvingen van zijn spirituele zoektocht een breed publiek bereikt. Toen De lege spiegel uitkwam was er over zen nog bijzonder weinig geschreven door Nederlandse schrijvers. Het was uitzonderlijk in die tijd dat iemand zijn rebelse, westerse postmoderne geest onderwierp aan de zendiscipline en -filosofie. Hij maakte in zijn boeken het principe van de meester-discipel verhouding inzichtelijk en behandelde het met respect. Door zijn toegankelijke, humorvolle, nuchtere en tegelijk diepgaande stijl van schrijven was hij voor veel mensen de eerste toegangspoort tot oosterse filosofie.
Bang voor de dood was hij niet. In de door de boeddhistische omroepstichting gemaakte documentaire To infinity and beyond beschrijft zijn vrouw: “… tijdens een dreigende noodlanding van een vliegtuig, waarbij iedereen in doodsangst verkeerde, zat hij rustig met zijn koptelefoon op naar Miles Davis te luisteren en zei: “ik ga naar het grote avontuur…”

Janwillem van de Wetering, auteur en rebelse zenstudent (1931-2008)
door Margreet Kooistra
door Margreet Kooistra

