Ik heb nooit een man willen zijn. Ondanks de overduidelijke ongelijkheid tussen mannen en vrouwen tijdens mijn jeugd, leken mannen mij toch niet voordeliger uit te zijn. Mijn vader en de andere mannen die ik als kind kende, leken niet gelukkiger te zijn dan mijn moeder of de andere vrouwen in mijn omgeving. Oké, ze verdienden het geld en beheerden het meestal, maar daarvoor in de plaats moesten ze veel dingen doen die saai, smerig en soms ronduit gevaarlijk waren – niet in de zin van opwindend, maar meer van levensbedreigend. Toch is er één ding waar ik mannen altijd om benijd heb: ze kunnen staand plassen. Het mag onnozel of triviaal lijken, maar ik kan niet meer bijhouden hoe vaak en op hoeveel plekken het een enorme opluchting zou zijn om je staand van je nood te kunnen ontdoen.
 
Dus toen ik laatst las dat het in Zweden als, zoals een schrijver het uitlegde, “het toppunt van vulgariteit en als mogelijke verwijzing naar geweld” beschouwd wordt als een man zijn gereedschap op het urinoir richt, kon ik dat niet geloven. Eens waren deze kerels vikingen. Hoe konden ze overgehaald worden te gaan zitten? Met een beetje speurwerk ontdekte ik dat in 2000 een feministische groepering aan de Universiteit van Stockholm had geëist dat alle urinoirs verwijderd zouden worden omdat ze voor vrouwen discriminerend zouden zijn. Over penisnijd gesproken! Ik had geen idee dat dit de richting was waarin de cultuur zich ontwikkelde in Zweden, Nederland en al die andere Scandinavische landen die voorop lopen in de revolutie van gender gelijkheid. In 2005 werd Zweden door het Economische Wereld Forum aangewezen als het “meest vooruitstrevende land” voor vrouwen, voor wat betreft hun economische en politieke empowerment, behaalde opleidingen, gezondheid en welzijn. Zweden en de andere kleine homogene naties in Noord Europa hebben royale verlofregelingen voor zowel vaders als moeders, vrije toegang tot hoger onderwijs, betaalbare kinderopvang en meer. Ze hebben een scala aan wettelijke regelingen ontworpen om het speelveld tussen mannen en vrouwen te egaliseren, wat mijn feministische hart sneller doet slaan. Maar het kwam nooit bij me op, dat wanneer vrouwen opstaan, mannen moeten gaan zitten – zelfs op de wc!
  
 
Terwijl ik hierover nadacht schoot me een raar berichtje te binnen. Ongeveer tien jaar geleden las ik een verhaal over hoe verveeld de Zweden zijn in de slaapkamer – al sinds de late jaren ‘60 was hun belangstelling voor seks namelijk afgenomen. Het artikel suggereerde dat vrouwen het moeilijk vonden om nog seksueel geïnteresseerd te zijn in hun partners. In hun poging een werkelijke gender gelijke gemeenschap te creëren waren Zweedse mannen, laten we zeggen, in temperament gelijk geworden aan vrouwen, zodat de vonk die een intieme relatie levendig houdt was gedoofd. Zou het, kortom gezegd, kunnen zijn dat vrouwen in Zweden vrouwen zijn, en de mannen ook?
  
Eerlijk gezegd, en niet alleen verblind door mijn eigen partijdigheid, wordt ons gevoel voor wat echt vrouwelijk of mannelijk is diepgaand beïnvloed door culturele normen. Zo begonnen vrouwen in de VS bijvoorbeeld begin 20e eeuw hun lichaamshaar af te scheren om er “vrouwelijker” uit te zien. Hoewel deze gewoonte zich vormde en verbreidde, beschouwen sommige andere culturen deze nog steeds als bizar. Maar ik had er nooit bij stilgestaan hoe mannen zouden veranderen wanneer culturele waarden zouden verschuiven in het voordeel van het traditionele vrouwelijke huiselijke domein. Mijn aanname is altijd geweest dat dit voor iedereen positief uit zou pakken – dat het mannen en vrouwen de mogelijkheid zou geven het complete spectrum aan menselijke kwaliteiten, van oudsher door gender gescheiden, uit te drukken. Dat het ons vrij zou maken teneinde meer verbonden en creatief te zijn in onze relaties. Maar wat als het niet zo simpel lag? Ik werd erg nieuwsgierig naar mannen in progressief Scandinavië – Zweden, Denemarken en Noorwegen – het land waar de Vikingen eens plannen smeedden voor  hun onbevreesde, angstwekkende rooftochten. Populair progressief en spiritueel denken veronderstelt dat een verschuiving naar het vrouwelijke in de westerse cultuur de weg is naar vrede en een positieve toekomst. Volgens velen hoeven we niet verder te kijken dan naar Noord-Europa om zicht te krijgen op onze toekomst. Wat, wilde ik weten, gebeurt er met mannen in de meest egalitaire landen? Het bleek echter vrij moeilijk te zijn om dit te onderzoeken. Progressieve bronnen beschrijven dit gebied ten zuiden van de Arctische Cirkel als niets minder dan het paradijs – Scandinaviërs, in het bijzonder de Denen, scoren goed op de lijst van de gelukkigste mensen ter wereld. Conservatieven houden vol dat er iets totaal mis is in de Deense staat (en Zweden en Noorwegen), maar hun reacties zijn gelardeerd met antifeministisch ongenoegen, gender fundamentalisme en vreemdelingenhaat. Ik moest het zelf gaan uitvinden. Dus bij de eerste tekenen van de lente eerder dit jaar reisde ik af naar Denemarken, het oudste nog bestaande koninkrijk ter wereld, om tijdens een zoektocht te ontdekken wat er met de Vikingen is gebeurd...
 
Gender gelijkheid, toen en nu
  
Natuurlijk, ik doe nogal schertsend over de viking kwestie. Vragen wat er met de vikingen is gebeurd, is net als vragen waar alle ridders van de kruistochten zijn gebleven. Niettemin bezaten de Scandinaviërs zo’n duizend jaar geleden een bovenmenselijke, doodsverachtende lef. In houten boten bezeilden ze vier continenten en “ontdekten” Amerika meer dan vierhonderd jaar eerder dan de andere Europeanen. De Noorse mythologie leek me altijd krachtiger dan die van de Grieken en de Romeinen. Jove wilde het gewoon doen met iedere vrouw die hij zag; Thor hamerde letterlijk in op zijn vijanden – reuzen, dwergen en het ouder worden zelf. De vikingen als volk hadden de reputatie net zo meedogenloos als hun goden te zijn. Het “Tijdperk der Vikingen” begon rond 739 n.Chr. toen ze de kerk van Lindisfarm, een beroemd vroeg christelijk religieus terrein in Engeland, aandeden. Zoals Alcuin, een Engelse monnik, het in die tijd beschreef: “De heidenen vergoten het bloed van heiligen over het altaar en vertrapten de lichamen van heiligen in de tempel als stront op straat.” Onze waarneming mag dan vertekend zijn door de christelijke visie op het Noorse heidendom, hun ontembare geest en lust tot plunderen bracht ze helemaal tot in Rusland in de ene richting, en helemaal tot in het huidige New York in de andere richting. Rooftochten waren een kwestie van gelijke kansen – Frya, de zuster van Leif de Lucky, voerde haar eigen expeditie aan langs de kust van Noord-Amerika, en Boka Aubur droeg een broek en viel haar ontrouwe echtgenoot met een zwaard aan, om maar twee legendarische Viking vrouwen te noemen. Alhoewel wij dominantie associëren met mannelijkheid en daarom met mannen, is het toch niet hetzelfde. In krijgerculturen, zoals bij de Vikingen, is dominantie belangrijker dan het geslacht. Als je je vijanden kunt decimeren, doet het er niet toe wie je bent.
  
Het doel van het hedendaagse Scandinavië is ook dat het geslacht er niet toe doet –  maar dan wel op een heel andere manier. “Geslacht verliest zijn betekenis”, zegt Jørgen Lorentzen, postdoctoraal wetenschappelijk onderzoeker aan het Centrum voor Vrouwen Studies en Gender Onderzoek aan de Universiteit van Oslo. Jørgen bestudeert de veranderende rol van mannen en is lid van de prestigieuze Noorse Mannen Commissie. De commissie werd opgericht om de regering van advies te dienen inzake de door mannen te maken overgang naar een gender neutrale samenleving. “In een paar recente studies, zien we dat geslacht steeds minder betekenis heeft. Geslacht is niet van belang voor een baan, politiek of de verdeling van werk en gezin. Geslacht doet er niet toe voor wie kookt of wie voor de kinderen zorgt. Mannen en vrouwen zijn evenveel in staat die dingen te doen.”
 
Tijdens ons gesprek maakt Jørgen duidelijk dat Noorwegen, en in het verlengde daarvan ook andere Noord-Europese landen, nog in de overgang zit. Ik vraag hem: “Wat is jouw kijk op een volledige gender gelijke samenleving? Hoe zal deze eruit zien?”
  
“Ik hoop dat gender nog meer aan betekenis in zal boeten,” antwoordt hij. “In een gendervrije samenleving zullen er minder ongewenste intimiteiten zijn, minder verkrachtingen, minder geweld en meer seks. En seks zal geen taboe meer zijn.”
  
Geen taboe? De Noord-Europese landen, en vooral Scandinavië, hebben sinds 1950 de internationale reputatie leiders te zijn binnen de seksuele revolutie. Seks is er niet in de kast gehouden, zelfs niet in de slaapkamer – het is er breed uitgestald. Geloof het of niet, maar in 2006 maakte de Deense Raad van Verkeersveiligheid een tv spot vol vrouwen met wiebelende blote borsten, die borden met de maximum snelheid omhoog hielden (het idee was daarmee de aandacht te trekken van de Deense mannen die fervente snelheidsmaniakken zijn). Maar dat is nog niet alles. Hardcore porno wordt op televisie uitgezonden. Vrouwen die in stadsparken liggen te zonnebaden zijn gekleed in slechts een string. Er bestaat grote tolerantie voor verbintenissen tussen mensen van dezelfde gender en iedere seksuele voorkeur moet uit de schaduw van de schaamte worden bevrijd. Het ging in Nederland zelfs zo ver dat een groep een politieke partij voor pedofielen wilde oprichten. (Gelukkig veroorzaakte dat een rel.) Seks – in welke vorm dan ook – is alles behalve een taboe in die landen. Het lijkt er zelfs op dat het een van de grootste prioriteiten heeft. Daarom vroeg ik Jørgen: “Zou je zeggen dat in de Noorse samenleving een goed seksleven één van de belangrijkste waarden is?”
“Een goed seksleven is een belangrijk onderdeel van het mens zijn.” Antwoordde hij, “Er is veel aandacht voor, en dan vooral voor het seksuele genot van vrouwen. Gender gelijkheid geeft vrouwen een veel hogere graad van genot.”
Misschien was de informatie die ik had over uitdovende seksuele relaties wel fout. Deze landen zouden wel eens dichterbij een feministisch paradijs kunnen zijn, dan we ooit zijn geweest.
 
Jongens zullen meisjes zijn
  
 
Twaalfhonderd jaar nadat de Vikingen Engelse grond betraden, willen de Scandinaviërs graag benadrukken dat de meeste Vikingen boeren waren. Alhoewel het statistisch waarschijnlijk waar is dat meer mensen land aan het verbouwen waren dan aan het plunderen, vraag ik me toch af of deze herziening van het verleden te maken heeft met de revolutie in waarden die daar nu aan de gang is. Een viking of een strijder zijn is niet in zwang – vooral niet voor jongens. In de eerste schooleducatie van kleine kinderen krijgen jongens poppen om mee te spelen en meisjes krijgen speelgoed tractortjes. Het is allemaal onderdeel van de Anti-Seksisme Bewustzijn Training. Deze begint op de peuterspeelzaal, waar de school, ondersteund door de regering, bewust de geaccepteerde rollen van de genders probeert te doorbreken. In de VS, waar in de jaren ‘70 dit soort programma’s ook op veel scholen werden geprobeerd, werd het een totale mislukking. Waarschijnlijk is er in de VS een te grote culturele verscheidenheid om op zo’n manier te experimenteren zonder ergernis op te roepen van ouders die willen dat hun kinderen de traditionele rol aannemen. Maar voor zover ik weet wordt in de VS, zeer tot ons ongenoegen als egalitaire idealisten, negen van de tien keer de tractor door het meisje in een dekentje gewiegd en gebruikt de jongen de pop als machinegeweer. De kinderen verzetten zich tegen de voor hun gender als verkeerd ervaren speelgoed. Het is niet makkelijk deze voorkeur te veranderen aangezien jongens en meisjes al met een zekere aanleg beginnen, die meestal gerelateerd is aan hun rol in de voortplanting; ook imiteren ze wat ze mannen en vrouwen om zich heen zien doen.
 
In ons eerste gesprek vertellen mijn twee Deense gastheren, Peter Bastian en Jon Bertelsen, mij dat Denemarken op dezelfde manier via de scholen de verschuiving van rolpatronen heeft geforceerd. Peter, die een bekend musicus en gevierd schrijver is, was deel van de zogenaamde generatie ‘68 – de rebellerende groep die het land op weg naar gender gelijkheid heeft gestuurd. Jon is medeoprichter van een klein IT bedrijf en groeide op in de moedige nieuwe wereld die de generatie van Peter probeerde te creëren. Ik ken ze beiden door de organisatie EnlightenNext, de uitgever van EnlightenNext Magazine.  
  
“Toen in 1968 alles door de vrouwenbeweging opengegooid werd, voelden wij mannen ons zo schuldig,” zegt Peter enthousiast, terwijl hij zijn blonde haar uit zijn ogen veegt. “Te zien hoe vrouwen onderdrukt werden – het was zoiets als, oh, dit is allemaal onze schuld.”
“Ik werd in 1970 geboren,” zegt Jon. Lang en slank, gestoken in jeans-en-sweater, het uniform van de Deense stadsman, spreekt rustig maar indringend. “In de tijd dat ik opgroeide waren de sociale structuren die gelijkheid moesten brengen voor een groot deel al tot stand gebracht door Peters generatie. Rond 1980 werd gender gelijkheid een ingevoerd onderdeel van  het schoolsysteem. Toen ik ongeveer twaalf jaar was deed mijn klas mee aan een twee jaar durend ‘gelijkheidsproject’. Dit werd begeleid door een consultant in gender gelijkheid in dienst van de gemeente. De consultant was een vrouw, evenals onze hoofdleerkracht.”
 
“Op een gegeven moment werden we erop uitgestuurd om een week werkervaring op te doen. Dat wordt in Denemarken door alle leerlingen gedaan. Vanwege dit gelijkheidsproject werden alle jongens naar traditionele vrouwenbanen en alle meisjes naar traditionele mannenbanen gestuurd. Ik bracht een hele week door in een bejaardentehuis, omringd door vrouwelijke verpleegsters van middelbare leeftijd – ik haatte het!”
“Heb je er iets over gezegd?” vroeg ik.
“Nee,” zei hij, met een licht schouderophalen. “Maar ik herinner me nog de rare sfeer rond de hele toestand. Onze leerkracht vroeg de klas eens om vrijwilligers voor het ophalen van een krat drankjes bij de supermarkt. Een paar jongens reageerden, waarop ze nogal snibbig zei: “Nou, ik denk dat het maar door een paar sterke meisjes gedaan moet worden.“ Jon kijkt een beetje verbaasd als hij dit vertelt. “En ander voorbeeld is toen een paar jongens uit mijn klas landskampioen werden in spoorzoeken en veldlopen. We waren er erg trots op, maar onze leerkracht stond het niet toe dat we juichten en dat we het vierden. Het was alsof het niet cool was dat we hadden gewonnen.”
“Hoe begreep je dit alles?”
Hij denkt even na. “De belangrijkste boodschap was: een jongen zijn betekent dat je door je natuur schuldig bent aan de onderdrukking van meisjes. De meeste van onze jongens verzetten zich hier op verschillende manieren tegen – maar wat kun je als twaalfjarige beginnen wanneer alle volwassenen, inclusief je mannelijke leraren, denken dat ze iets groots en rechtvaardigs doen?”

[ volgende ]
WAT IS ER TOCH MET DE VIKINGEN GEBEURD?

Een schalkse kijk op het Scandinavische experiment een gender-neutrale samenleving te creëren.


door Elizabeth Debold
1 | 2
blocks_image