ANDREW COHEN: GOEROE
(Sanskriet: iemand die lesgeeft in spirituele bevrijding vanuit zijn of haar eigen directe ervaring of realisatie)
Omschrijft zichzelf als “een idealist met revolutionaire neigingen” en wordt door velen herkend als een bepalende stem in het opkomende veld van evolutionaire spiritualiteit.
Cohen heeft een originele leer voor de 21e eeuw ontwikkeld, die hij Evolutionaire Verlichting noemt. Hij is tevens oprichter en hoofdredacteur van EnlightenNext magazine.
KEN WILBER: PANDIT
(Sanskriet: een geleerde, iemand die zich verdiept heeft in spirituele wijsheid en zeer deskundig is op dat gebied)
Omschrijft zichzelf als “een verdediger van de dharma, een intellectuele samurai.” Wilber wordt beschouwd als één van de grootste levende filosofen van deze tijd. Zijn werk biedt een uitvoerige en originele synthese van alle grote psychologische, filosofische en spirituele tradities. Hij heeft vele boeken geschreven waaronder: Een Beknopte Geschiedenis van Alles (Lemniscaat) en Integrale Visie (Ankh Hermes).
Jean Gebser (1905- 1973)
Een integraal besef van structuren in bewustzijn
Jean Gebser was veelzijdig - hij was dichter, taalkundige, cultureel geschiedkundige, mysticus en filosoof. Maar deze vernieuwer uit het begin van de 20e eeuw is wellicht het meest bekend door zijn uitzonderlijke inzicht dat bewustzijn en de menselijke cultuur zich door de tijd heen hebben ontwikkeld door een vloeiende doch hiërarchische opeenvolging van stadia, of structuren.
Gebser is geboren in 1905 en bevond zich daardoor midden in de politieke, sociale, en wetenschappelijke omwenteling die de eerste helft van de vorige eeuw karakteriseerde.
Hij ontvluchtte zijn geboorteland, Duitsland, op 34-jarige leeftijd om aan de Nazi’s te ontsnappen, vocht in de Spaanse burgeroorlog, en ontmoette ‘s werelds grootste revolutionaire figuren zoals: Carl Jung, Pablo Picasso, Frederico Garcia Lorca en Werner Heisenberg. Maar terwijl velen van zijn tijdgenoten de grote chaos van die tijd als een teken van sociaal, politiek en moreel verval zagen, herkende Gebser de beroering als het effenen van een pad voor de geboorte van een geheel nieuw niveau van menselijk bewustzijn, dat hij “integraal” noemde.
Na jaren van onderzoek concludeerde Gebser dat het niet de eerste keer was dat iets dergelijks zich voordeed en dat er door de geschiedenis heen wel vaker soortgelijke “mutaties” hadden plaatsgevonden in de manier waarop de mensheid de werkelijkheid interpreteert. In zijn opus The Ever-Present Origin uit 1953 schetst Gebser wat hij ziet als de verschillende stadia in de ontwikkeling van de menselijke cultuur en bewustzijn. Deze stadia vormen de basis van de evolutionaire modellen die gebruikt worden door Ken Wilber, Don Beck, Steve McIntosh en andere prominenten van de hedendaagse integrale theorie.
De structuren van cultuur en bewustzijn:
Archaïsch (Instinctief)
Dit stadium van bewustzijn karakteriseert de vroegste mens. Zoals Gebser het beschrijft, is het bewustzijn van het individu nauwelijks afgescheiden van zijn omgeving. In de huidige tijd vooral te zien bij pasgeborenen.
Magisch (Egocentrisch)
Dit magische stadium ontstond samen met de stammencultuur en is in de wereld te zien in rituelen en religies die gebaseerd zijn op de natuur. In deze structuur, aldus Gebser, is het besef van een “zelf” onlosmakelijk verbonden met iemands groep of stam.
Mythisch (Traditioneel)
Dit stadium ontstond samen met de grote monotheïstische religieuze tradities. De individuele identiteit wordt in dit stadium uitgebreid en een hele natie of geloofsysteem wordt erbij inbegrepen. Volgens Gebser is dit de eerste keer dat er een “bewustzijn van een ziel” verschijnt in het zelf.
Mentaal-Rationeel (Modern)
Het stadium van wetenschappelijke rationaliteit en rede, dat prominent werd tijdens de Westerse Verlichting. Voor de rationele mens, zegt Gebser, “is de wereld die hij beoordeelt en waar hij naar verlangt, een materiële wereld, een wereld van objecten buiten zichzelf.”
Pluralistisch (Postmodern)
Met de nadruk op multiculturalisme en egalitarisme bloeit dit stadium tegelijk met de burgerrechten- en milieubewegingen van de zestiger jaren. Gebser verzon de term “a-perspectivistisch” voor de mogelijkheid van het pluralistische zelf om meerdere perspectieven te zien en te waarderen.
Integraal (Post-postmodern)
In het integrale stadium, dat nu net is begonnen zich te ontwikkelen, ontstaat voor het eerst het besef dat menselijk bewustzijn zich door een hiërarchische opeenvolging van verschillende structuren en niveaus ontwikkelt. En evolutie vervangt egalitarisme als belangrijkste waarde.
Andrew Cohen en Ken Wilber hebben gedurende meer dan zes jaar samen “Goeroe-Pandit” dialogen gevoerd. Voor deze inaugurele uitgave van het EnlightenNext magazine keren zij terug naar enkele fundamentele principes die de basis vormen van hun vele verreikende conversaties.
COHEN: Vandaag praten we over ons favoriete onderwerp: de relatie tussen de evolutie van bewustzijn en de evolutie van cultuur. Sinds we deze gesprekken voeren hebben we dit onderwerp vanuit vele verschillende invalshoeken uitvoerig onderzocht. De evolutie van bewustzijn is een lastig onderwerp om te bespreken omdat bewustzijn lastig is om te bespreken! En de reden daarvoor is, zoals jij heel goed weet: bewustzijn is geen object.
De meeste mensen ontdekken bewustzijn de eerste keer door een spirituele ervaring. Ik heb het over de ingrijpende gebeurtenis wanneer iemand voor het eerst in aanraking komt met de wonderlijke dimensie van het Zelf waarin herinnering en tijd worden overstegen. Het diepste deel van ons waar geen cognitie is, maar waar alleen Zijn is. Deze ontdekking laat een onuitwisbaar spoor achter in onze ziel. Maar als we geen directe ervaring hebben van bewustzijn - waar we herkennen dat het geen object is en dat het niet gevangen is door de tijd - zal het heel moeilijk zijn om te praten over het onderwerp bewustzijn, of zelfs het woord te gebruiken, zonder dat het een voorstelling van een object in ons oproept, zoals een witte waas, of iets dergelijks. Maar als bewustzijn een waas zou zijn, dan zou dat betekenen dat het een ding is en daarom kan dat nooit bewustzijn zijn!
Verlichting is traditioneel gebaseerd op de ontdekking van bewustzijn - en de oneindige, tijdloze, vormloze, onsterfelijke aard ervan. Maar vandaag wil ik het graag met je hebben over de complexe, fascinerende en oneindig subtiele relatie tussen de ontdekking van de mystieke non-duale grond van bewustzijn en de evolutie van cultuur. Met “cultuur” bedoel ik de manier waarop we over onze gezamenlijke ervaringen denken en de manier waarop we ze begrijpen. Cultuur is gebaseerd op gedeelde waarden. Ik bedoel dan de conceptuele en cognitieve bril, waardoor wij als individuen onze gedeelde ervaringen interpreteren.
Als leraar en denker heb je op dit gebied een enorme invloed op mij gehad. En in mijn eigen ontwikkeling ben ik me bewust geworden van iets waar je al lange tijd op wijst; dat onze gezamenlijke waarden meestal onbewust gevormd zijn door de cultuur waarin wij opgroeiden. Afgezien van enkele uitzonderlijke individuen, hebben we onze waarden niet bewust gecreëerd of gekozen als gevolg van diepe introspectie, maar voor het overgrote deel geabsorbeerd door culturele conditionering. En vanzelfsprekend is dat niet noodzakelijkerwijs goed of fout. Het is gewoon zoals het is.
In mijn werk als spiritueel leraar zie ik een interessant vraagstuk. Mensen kunnen krachtig ontwaken tot wat bewustzijn is. De lens waardoor zij de wereld zien, gevormd door hun waarden of hun algemeen geconditioneerde overtuigingen, zal echter niet noodzakelijkerwijs beïnvloed worden door deze ervaring. Dit is iets waarover jij en ik de afgelopen jaren veel hebben gesproken. En ik denk dat velen van ons een doorlopende discussie en dialoog moeten voeren en introspectie en contemplatie moeten beoefenen om meer licht te werpen op dit complexe en belangrijke vraagstuk. Voor diegenen onder ons die geïnteresseerd zijn in de evolutie van bewustzijn en cultuur, is het noodzakelijk een begin te maken met het zien en begrijpen van de cultureel gecreëerde structuren die ons “zelf”, individueel en collectief, vormen. Het is van groot belang dat we leren onszelf bewust te worden van wat onze waarden zijn. Het lijkt erop dat dit proces een even belangrijk deel van individuele en collectieve spirituele ontwikkeling en transformatie is - als de ervaring van bewustzijn zelf - misschien zelfs het meest belangrijke deel.
Een centraal thema in veel van onze discussies is de vaststelling dat de manier waarop we onze ervaringen interpreteren bepaalt welke waarde we eraan geven en hoe we ze zien. Individuen van verschillende culturen, achtergronden en niveaus van ontwikkeling kunnen vergelijkbare ervaringen hebben en deze op compleet andere manieren interpreteren en verklaren. En de manier waarop we onze ervaring interpreteren bepaalt hoe we de realiteit zien, hoe we onszelf zien, hoe we de wereld binnen laten komen en hoe we de relatie tussen het zelf en het universum zien. In mijn werk leg ik veel nadruk op de noodzaak vaardigheden te ontwikkelen om dit zelf te kunnen zien. Met andere woorden; wanneer we onszelf willen ontwikkelen, gaat het niet alleen om het besef van wat bewustzijn is, maar vereist het ook dat we onze cognitieve capaciteiten ontwikkelen. Dit stelt ons in staat onze geconditioneerde waarden als objecten in bewustzijn te zien in plaats van als vaststaande, onwrikbare en inherent ware constructies. Of zoals jij het zou zeggen; we moeten in staat zijn om van het subject een object te maken. Ik begin steeds meer te zien dat spirituele ontwikkeling gaat om het vinden van creatieve manieren om onszelf uit de tent te lokken, om door onze eigen geïnspireerde wil en intentie werkelijk te ontwikkelen.
Idealiter komen we dan volgens mij tot dat punt waar de ervaring van verlichting, wat de directe realisatie van bewustzijn betekent, automatisch samengaat met de ervaring van een hoger niveau van cognitie. Uiteindelijk zou dat dan één non-duale gebeurtenis moeten worden waarin deze drie verschillende aspecten van onze ervaring – de zijnsgrond, de creatieve impuls om te ontwikkelen en onze hoog geëvolueerde capaciteit voor cognitie – allen deel worden van één matrix, één zich ontvouwende ervaring. Ik probeer dit non-duale en wezenlijk integrale potentieel aan zoveel mogelijk mensen over te brengen. Ook probeer ik deze subtiele en complexe relaties te verhelderen en te verduidelijken en te laten zien hoe deze verschillende dimensies van het zelf en de kosmos elkaar beïnvloeden.
ABSOLUUT BEWUSTZIJN EN RELATIEF BEWUSTZIJN
WILBER: Juist! Je hebt een aantal belangrijke punten genoemd. Ik zou ermee willen beginnen te zeggen dat wanneer het gaat over bewustzijn we kunnen spreken over absoluut bewustzijn en relatief bewustzijn.
Spirituele tradities maken vaak onderscheid tussen absolute waarheid en relatieve waarheid en ze doen dat zeker ook met bewustzijn. Dus absoluut bewustzijn is inderdaad puur bewustzijn. Dat is geen ding; het is geen object; het is geen witte waas. Wanneer je erover zou moeten denken dan is het een onmetelijke open leegte waarin alle objecten ontstaan. Op ieder moment, ook nu, ben je je bewust van diverse dingen die zich voordoen in deze wereld. Je bent je bewust van de tafel voor je; je bent je bewust van de telefoon; je zou op je bank kunnen zitten terwijl je naar buiten kijkt, bewust van de wolken die door de lucht drijven; je bent je bewust van de bomen, van rivieren. Al deze waarnemingen komen op in zuiver bewustzijn. En verlichting is de ontdekking van deze pure openheid, deze zuivere radicale zijnsgrond.
Maar dat is alleen de absolute component. Door de integratie van oost en west zijn de relatieve aspecten van bewustzijn heel belangrijk geworden. Deze relatieve aspecten hebben te maken met hoe we de absolute ervaring van bewustzijn interpreteren. Wat zijn de verschillende manieren waarop we spirituele ervaringen kunnen interpreteren? We zien dat bepaalde soorten gedeelde waarden die we als cultuur aanhangen, bij bepaalde ontwikkelingsstadia of -fasen horen. Datzelfde geldt voor bepaalde soorten waarden en wereldbeelden die we hebben als individu.
Jean Gebser heeft er namen aan gegeven waardoor het eenvoudig te begrijpen is. In het midden van de vorige eeuw was hij een ware pionier door het waarnemen van de evolutie van deze relatieve vormen van bewustzijn. Hij noemde deze stadia achtereenvolgens: archaïsch, magisch, mythisch, rationeel, pluralistisch, integraal en hoger [zie diagram op blz. …]. Je kunt dus een volledige satori, of bewustzijnservaring hebben, maar afhankelijk van het ontwikkelingsstadium waarin je jezelf bevindt, zal je die interpreteren op een manier die past bij je eigen waarden. Je kunt het interpreteren op een magische of egocentrische manier: “Ik en ik alleen heb dit pure bewustzijn.” Je kunt het ervaren vanuit een mythische, of traditionele waardestructuur - het volgende grote stadium, en overtuigd zijn dat deze ervaring gegeven is aan jouw groep of volk. Je kunt het ervaren op een moderne, rationele manier. Je kunt het ervaren op een pluralistische of postmoderne manier. En je kunt het ervaren op een integrale, of post-postmoderne manier. Dit zijn allemaal relatieve aspecten van bewustzijn. Jij en ik kijken vooral naar het belang van een volledige verlichting waarbij zowel relatief als absoluut bewustzijn ervaren wordt.
COHEN: Inderdaad.
WILBER: Zowel de relatieve als de absolute dimensies leveren een wezenlijke bijdrage. De ervaring van puur bewustzijn geeft begrip van radicale vrijheid, openheid, tijdloosheid, eeuwigheid en absolute realiteit. Maar dat moet zich manifesteren. Dan zien we bewustzijn in actie en hoe dat eruit ziet hangt af van je interpretatie in de relatieve wereld. Als je de ervaring van bewustzijn vanuit een mythisch perspectief interpreteert, zal dat je een traditionele of zelfs fundamentalistische kijk geven. Vanuit een modern perspectief zal het je een wetenschappelijke kijk geven en interpretatie vanuit een postmodern perspectief geeft je een pluralistische kijk op de realiteit en op bewustzijn.
Momenteel begint de evolutionaire voorhoede, het relatieve ontvouwen van bewustzijn dus, te verschuiven van een pluralistisch en postmodern stadium naar een integraal stadium. Dat betekent dat alle waarden herschikt zullen worden en meer inclusief, meer omvattend en meer superholistisch zullen worden. Zo zullen bijvoorbeeld de rollen van mannen en vrouwen zich uitbreiden. Alle manieren waarop we een cultuur, een samenleving, vormgeven zullen fundamenteel veranderen en zij zullen veranderen op basis van beide aspecten van bewustzijn, het absolute en het relatieve.
We hebben dus echt werk te doen in twee dimensies. In de absolute dimensie moeten we het altijd al vrije Zelf ontdekken. Deze open, lege zijnsgrond van altijd aanwezig bewustzijn. In de relatieve dimensie moeten we ons ontwikkelen van archaïsch naar magisch naar mythisch naar rationeel naar pluralistisch naar integraal. Allebei deze aspecten zijn van groot belang voor een allesomvattende benadering van het ontwaken van bewustzijn. Wat we helaas zien is dat er vele leraren en benaderingen zijn, zowel vanuit oost als vanuit west, die zich alleen focussen op de ene of de andere benadering. In een groot aantal New Age benaderingen bijvoorbeeld, is er alleen aandacht voor het nu, voor absoluut bewustzijn, voor het onmanifeste, voor de pure zijnsgrond. En tegelijkertijd zien we, vooral in het westen alleen een focus op de relatieve aspecten van de realiteit en van bewustzijn, alleen een focus op evolutie, groei en ontwikkeling, zonder enig begrip van de zijnsgrond, die de basis van alles is.
Jij en ik proberen deze twee dimensies te combineren - de absolute en de relatieve - en één van de uitdrukkingen die we gebruiken om deze beide fundamentele gebieden te omvatten is “evolutionaire verlichting”. Dit betekent dat wanneer bewustzijn zich manifesteert, de manifestaties ervan evolueren en de essentie van verlichting zelf mee zal evolueren. We willen geen statische verlichting die alleen werkt met absoluut bewustzijn, noch een materialistische evolutie die alleen werkt met de evolutie van materie en de rol van de zijnsgrond niet begrijpt. We willen een evolutionaire verlichting – die de spirituele dimensie begrijpt, en die ook begrijpt dat bewustzijn zich praktisch moet uiten in de wereld en als de wereld. De wereld die door bewustzijn wordt gecreëerd, evolueert.
[ volgende ]
(Sanskriet: iemand die lesgeeft in spirituele bevrijding vanuit zijn of haar eigen directe ervaring of realisatie)
Omschrijft zichzelf als “een idealist met revolutionaire neigingen” en wordt door velen herkend als een bepalende stem in het opkomende veld van evolutionaire spiritualiteit.
Cohen heeft een originele leer voor de 21e eeuw ontwikkeld, die hij Evolutionaire Verlichting noemt. Hij is tevens oprichter en hoofdredacteur van EnlightenNext magazine.
KEN WILBER: PANDIT
(Sanskriet: een geleerde, iemand die zich verdiept heeft in spirituele wijsheid en zeer deskundig is op dat gebied)
Omschrijft zichzelf als “een verdediger van de dharma, een intellectuele samurai.” Wilber wordt beschouwd als één van de grootste levende filosofen van deze tijd. Zijn werk biedt een uitvoerige en originele synthese van alle grote psychologische, filosofische en spirituele tradities. Hij heeft vele boeken geschreven waaronder: Een Beknopte Geschiedenis van Alles (Lemniscaat) en Integrale Visie (Ankh Hermes).
Jean Gebser (1905- 1973)
Een integraal besef van structuren in bewustzijn
Jean Gebser was veelzijdig - hij was dichter, taalkundige, cultureel geschiedkundige, mysticus en filosoof. Maar deze vernieuwer uit het begin van de 20e eeuw is wellicht het meest bekend door zijn uitzonderlijke inzicht dat bewustzijn en de menselijke cultuur zich door de tijd heen hebben ontwikkeld door een vloeiende doch hiërarchische opeenvolging van stadia, of structuren.
Gebser is geboren in 1905 en bevond zich daardoor midden in de politieke, sociale, en wetenschappelijke omwenteling die de eerste helft van de vorige eeuw karakteriseerde.
Hij ontvluchtte zijn geboorteland, Duitsland, op 34-jarige leeftijd om aan de Nazi’s te ontsnappen, vocht in de Spaanse burgeroorlog, en ontmoette ‘s werelds grootste revolutionaire figuren zoals: Carl Jung, Pablo Picasso, Frederico Garcia Lorca en Werner Heisenberg. Maar terwijl velen van zijn tijdgenoten de grote chaos van die tijd als een teken van sociaal, politiek en moreel verval zagen, herkende Gebser de beroering als het effenen van een pad voor de geboorte van een geheel nieuw niveau van menselijk bewustzijn, dat hij “integraal” noemde.
Na jaren van onderzoek concludeerde Gebser dat het niet de eerste keer was dat iets dergelijks zich voordeed en dat er door de geschiedenis heen wel vaker soortgelijke “mutaties” hadden plaatsgevonden in de manier waarop de mensheid de werkelijkheid interpreteert. In zijn opus The Ever-Present Origin uit 1953 schetst Gebser wat hij ziet als de verschillende stadia in de ontwikkeling van de menselijke cultuur en bewustzijn. Deze stadia vormen de basis van de evolutionaire modellen die gebruikt worden door Ken Wilber, Don Beck, Steve McIntosh en andere prominenten van de hedendaagse integrale theorie.
De structuren van cultuur en bewustzijn:
Archaïsch (Instinctief)
Dit stadium van bewustzijn karakteriseert de vroegste mens. Zoals Gebser het beschrijft, is het bewustzijn van het individu nauwelijks afgescheiden van zijn omgeving. In de huidige tijd vooral te zien bij pasgeborenen.
Magisch (Egocentrisch)
Dit magische stadium ontstond samen met de stammencultuur en is in de wereld te zien in rituelen en religies die gebaseerd zijn op de natuur. In deze structuur, aldus Gebser, is het besef van een “zelf” onlosmakelijk verbonden met iemands groep of stam.
Mythisch (Traditioneel)
Dit stadium ontstond samen met de grote monotheïstische religieuze tradities. De individuele identiteit wordt in dit stadium uitgebreid en een hele natie of geloofsysteem wordt erbij inbegrepen. Volgens Gebser is dit de eerste keer dat er een “bewustzijn van een ziel” verschijnt in het zelf.
Mentaal-Rationeel (Modern)
Het stadium van wetenschappelijke rationaliteit en rede, dat prominent werd tijdens de Westerse Verlichting. Voor de rationele mens, zegt Gebser, “is de wereld die hij beoordeelt en waar hij naar verlangt, een materiële wereld, een wereld van objecten buiten zichzelf.”
Pluralistisch (Postmodern)
Met de nadruk op multiculturalisme en egalitarisme bloeit dit stadium tegelijk met de burgerrechten- en milieubewegingen van de zestiger jaren. Gebser verzon de term “a-perspectivistisch” voor de mogelijkheid van het pluralistische zelf om meerdere perspectieven te zien en te waarderen.
Integraal (Post-postmodern)
In het integrale stadium, dat nu net is begonnen zich te ontwikkelen, ontstaat voor het eerst het besef dat menselijk bewustzijn zich door een hiërarchische opeenvolging van verschillende structuren en niveaus ontwikkelt. En evolutie vervangt egalitarisme als belangrijkste waarde.
Andrew Cohen en Ken Wilber hebben gedurende meer dan zes jaar samen “Goeroe-Pandit” dialogen gevoerd. Voor deze inaugurele uitgave van het EnlightenNext magazine keren zij terug naar enkele fundamentele principes die de basis vormen van hun vele verreikende conversaties.
COHEN: Vandaag praten we over ons favoriete onderwerp: de relatie tussen de evolutie van bewustzijn en de evolutie van cultuur. Sinds we deze gesprekken voeren hebben we dit onderwerp vanuit vele verschillende invalshoeken uitvoerig onderzocht. De evolutie van bewustzijn is een lastig onderwerp om te bespreken omdat bewustzijn lastig is om te bespreken! En de reden daarvoor is, zoals jij heel goed weet: bewustzijn is geen object.
De meeste mensen ontdekken bewustzijn de eerste keer door een spirituele ervaring. Ik heb het over de ingrijpende gebeurtenis wanneer iemand voor het eerst in aanraking komt met de wonderlijke dimensie van het Zelf waarin herinnering en tijd worden overstegen. Het diepste deel van ons waar geen cognitie is, maar waar alleen Zijn is. Deze ontdekking laat een onuitwisbaar spoor achter in onze ziel. Maar als we geen directe ervaring hebben van bewustzijn - waar we herkennen dat het geen object is en dat het niet gevangen is door de tijd - zal het heel moeilijk zijn om te praten over het onderwerp bewustzijn, of zelfs het woord te gebruiken, zonder dat het een voorstelling van een object in ons oproept, zoals een witte waas, of iets dergelijks. Maar als bewustzijn een waas zou zijn, dan zou dat betekenen dat het een ding is en daarom kan dat nooit bewustzijn zijn!
Verlichting is traditioneel gebaseerd op de ontdekking van bewustzijn - en de oneindige, tijdloze, vormloze, onsterfelijke aard ervan. Maar vandaag wil ik het graag met je hebben over de complexe, fascinerende en oneindig subtiele relatie tussen de ontdekking van de mystieke non-duale grond van bewustzijn en de evolutie van cultuur. Met “cultuur” bedoel ik de manier waarop we over onze gezamenlijke ervaringen denken en de manier waarop we ze begrijpen. Cultuur is gebaseerd op gedeelde waarden. Ik bedoel dan de conceptuele en cognitieve bril, waardoor wij als individuen onze gedeelde ervaringen interpreteren.
Als leraar en denker heb je op dit gebied een enorme invloed op mij gehad. En in mijn eigen ontwikkeling ben ik me bewust geworden van iets waar je al lange tijd op wijst; dat onze gezamenlijke waarden meestal onbewust gevormd zijn door de cultuur waarin wij opgroeiden. Afgezien van enkele uitzonderlijke individuen, hebben we onze waarden niet bewust gecreëerd of gekozen als gevolg van diepe introspectie, maar voor het overgrote deel geabsorbeerd door culturele conditionering. En vanzelfsprekend is dat niet noodzakelijkerwijs goed of fout. Het is gewoon zoals het is.
In mijn werk als spiritueel leraar zie ik een interessant vraagstuk. Mensen kunnen krachtig ontwaken tot wat bewustzijn is. De lens waardoor zij de wereld zien, gevormd door hun waarden of hun algemeen geconditioneerde overtuigingen, zal echter niet noodzakelijkerwijs beïnvloed worden door deze ervaring. Dit is iets waarover jij en ik de afgelopen jaren veel hebben gesproken. En ik denk dat velen van ons een doorlopende discussie en dialoog moeten voeren en introspectie en contemplatie moeten beoefenen om meer licht te werpen op dit complexe en belangrijke vraagstuk. Voor diegenen onder ons die geïnteresseerd zijn in de evolutie van bewustzijn en cultuur, is het noodzakelijk een begin te maken met het zien en begrijpen van de cultureel gecreëerde structuren die ons “zelf”, individueel en collectief, vormen. Het is van groot belang dat we leren onszelf bewust te worden van wat onze waarden zijn. Het lijkt erop dat dit proces een even belangrijk deel van individuele en collectieve spirituele ontwikkeling en transformatie is - als de ervaring van bewustzijn zelf - misschien zelfs het meest belangrijke deel.
Een centraal thema in veel van onze discussies is de vaststelling dat de manier waarop we onze ervaringen interpreteren bepaalt welke waarde we eraan geven en hoe we ze zien. Individuen van verschillende culturen, achtergronden en niveaus van ontwikkeling kunnen vergelijkbare ervaringen hebben en deze op compleet andere manieren interpreteren en verklaren. En de manier waarop we onze ervaring interpreteren bepaalt hoe we de realiteit zien, hoe we onszelf zien, hoe we de wereld binnen laten komen en hoe we de relatie tussen het zelf en het universum zien. In mijn werk leg ik veel nadruk op de noodzaak vaardigheden te ontwikkelen om dit zelf te kunnen zien. Met andere woorden; wanneer we onszelf willen ontwikkelen, gaat het niet alleen om het besef van wat bewustzijn is, maar vereist het ook dat we onze cognitieve capaciteiten ontwikkelen. Dit stelt ons in staat onze geconditioneerde waarden als objecten in bewustzijn te zien in plaats van als vaststaande, onwrikbare en inherent ware constructies. Of zoals jij het zou zeggen; we moeten in staat zijn om van het subject een object te maken. Ik begin steeds meer te zien dat spirituele ontwikkeling gaat om het vinden van creatieve manieren om onszelf uit de tent te lokken, om door onze eigen geïnspireerde wil en intentie werkelijk te ontwikkelen.
Idealiter komen we dan volgens mij tot dat punt waar de ervaring van verlichting, wat de directe realisatie van bewustzijn betekent, automatisch samengaat met de ervaring van een hoger niveau van cognitie. Uiteindelijk zou dat dan één non-duale gebeurtenis moeten worden waarin deze drie verschillende aspecten van onze ervaring – de zijnsgrond, de creatieve impuls om te ontwikkelen en onze hoog geëvolueerde capaciteit voor cognitie – allen deel worden van één matrix, één zich ontvouwende ervaring. Ik probeer dit non-duale en wezenlijk integrale potentieel aan zoveel mogelijk mensen over te brengen. Ook probeer ik deze subtiele en complexe relaties te verhelderen en te verduidelijken en te laten zien hoe deze verschillende dimensies van het zelf en de kosmos elkaar beïnvloeden.
ABSOLUUT BEWUSTZIJN EN RELATIEF BEWUSTZIJN
WILBER: Juist! Je hebt een aantal belangrijke punten genoemd. Ik zou ermee willen beginnen te zeggen dat wanneer het gaat over bewustzijn we kunnen spreken over absoluut bewustzijn en relatief bewustzijn.
Spirituele tradities maken vaak onderscheid tussen absolute waarheid en relatieve waarheid en ze doen dat zeker ook met bewustzijn. Dus absoluut bewustzijn is inderdaad puur bewustzijn. Dat is geen ding; het is geen object; het is geen witte waas. Wanneer je erover zou moeten denken dan is het een onmetelijke open leegte waarin alle objecten ontstaan. Op ieder moment, ook nu, ben je je bewust van diverse dingen die zich voordoen in deze wereld. Je bent je bewust van de tafel voor je; je bent je bewust van de telefoon; je zou op je bank kunnen zitten terwijl je naar buiten kijkt, bewust van de wolken die door de lucht drijven; je bent je bewust van de bomen, van rivieren. Al deze waarnemingen komen op in zuiver bewustzijn. En verlichting is de ontdekking van deze pure openheid, deze zuivere radicale zijnsgrond.
Maar dat is alleen de absolute component. Door de integratie van oost en west zijn de relatieve aspecten van bewustzijn heel belangrijk geworden. Deze relatieve aspecten hebben te maken met hoe we de absolute ervaring van bewustzijn interpreteren. Wat zijn de verschillende manieren waarop we spirituele ervaringen kunnen interpreteren? We zien dat bepaalde soorten gedeelde waarden die we als cultuur aanhangen, bij bepaalde ontwikkelingsstadia of -fasen horen. Datzelfde geldt voor bepaalde soorten waarden en wereldbeelden die we hebben als individu.
Jean Gebser heeft er namen aan gegeven waardoor het eenvoudig te begrijpen is. In het midden van de vorige eeuw was hij een ware pionier door het waarnemen van de evolutie van deze relatieve vormen van bewustzijn. Hij noemde deze stadia achtereenvolgens: archaïsch, magisch, mythisch, rationeel, pluralistisch, integraal en hoger [zie diagram op blz. …]. Je kunt dus een volledige satori, of bewustzijnservaring hebben, maar afhankelijk van het ontwikkelingsstadium waarin je jezelf bevindt, zal je die interpreteren op een manier die past bij je eigen waarden. Je kunt het interpreteren op een magische of egocentrische manier: “Ik en ik alleen heb dit pure bewustzijn.” Je kunt het ervaren vanuit een mythische, of traditionele waardestructuur - het volgende grote stadium, en overtuigd zijn dat deze ervaring gegeven is aan jouw groep of volk. Je kunt het ervaren op een moderne, rationele manier. Je kunt het ervaren op een pluralistische of postmoderne manier. En je kunt het ervaren op een integrale, of post-postmoderne manier. Dit zijn allemaal relatieve aspecten van bewustzijn. Jij en ik kijken vooral naar het belang van een volledige verlichting waarbij zowel relatief als absoluut bewustzijn ervaren wordt.
COHEN: Inderdaad.
WILBER: Zowel de relatieve als de absolute dimensies leveren een wezenlijke bijdrage. De ervaring van puur bewustzijn geeft begrip van radicale vrijheid, openheid, tijdloosheid, eeuwigheid en absolute realiteit. Maar dat moet zich manifesteren. Dan zien we bewustzijn in actie en hoe dat eruit ziet hangt af van je interpretatie in de relatieve wereld. Als je de ervaring van bewustzijn vanuit een mythisch perspectief interpreteert, zal dat je een traditionele of zelfs fundamentalistische kijk geven. Vanuit een modern perspectief zal het je een wetenschappelijke kijk geven en interpretatie vanuit een postmodern perspectief geeft je een pluralistische kijk op de realiteit en op bewustzijn.
Momenteel begint de evolutionaire voorhoede, het relatieve ontvouwen van bewustzijn dus, te verschuiven van een pluralistisch en postmodern stadium naar een integraal stadium. Dat betekent dat alle waarden herschikt zullen worden en meer inclusief, meer omvattend en meer superholistisch zullen worden. Zo zullen bijvoorbeeld de rollen van mannen en vrouwen zich uitbreiden. Alle manieren waarop we een cultuur, een samenleving, vormgeven zullen fundamenteel veranderen en zij zullen veranderen op basis van beide aspecten van bewustzijn, het absolute en het relatieve.
We hebben dus echt werk te doen in twee dimensies. In de absolute dimensie moeten we het altijd al vrije Zelf ontdekken. Deze open, lege zijnsgrond van altijd aanwezig bewustzijn. In de relatieve dimensie moeten we ons ontwikkelen van archaïsch naar magisch naar mythisch naar rationeel naar pluralistisch naar integraal. Allebei deze aspecten zijn van groot belang voor een allesomvattende benadering van het ontwaken van bewustzijn. Wat we helaas zien is dat er vele leraren en benaderingen zijn, zowel vanuit oost als vanuit west, die zich alleen focussen op de ene of de andere benadering. In een groot aantal New Age benaderingen bijvoorbeeld, is er alleen aandacht voor het nu, voor absoluut bewustzijn, voor het onmanifeste, voor de pure zijnsgrond. En tegelijkertijd zien we, vooral in het westen alleen een focus op de relatieve aspecten van de realiteit en van bewustzijn, alleen een focus op evolutie, groei en ontwikkeling, zonder enig begrip van de zijnsgrond, die de basis van alles is.
Jij en ik proberen deze twee dimensies te combineren - de absolute en de relatieve - en één van de uitdrukkingen die we gebruiken om deze beide fundamentele gebieden te omvatten is “evolutionaire verlichting”. Dit betekent dat wanneer bewustzijn zich manifesteert, de manifestaties ervan evolueren en de essentie van verlichting zelf mee zal evolueren. We willen geen statische verlichting die alleen werkt met absoluut bewustzijn, noch een materialistische evolutie die alleen werkt met de evolutie van materie en de rol van de zijnsgrond niet begrijpt. We willen een evolutionaire verlichting – die de spirituele dimensie begrijpt, en die ook begrijpt dat bewustzijn zich praktisch moet uiten in de wereld en als de wereld. De wereld die door bewustzijn wordt gecreëerd, evolueert.
[ volgende ]
Dialoog XXI
De Goeroe en de Pandit
De dynamiek tussen cultuur en bewustzijn
De Goeroe en de Pandit
De dynamiek tussen cultuur en bewustzijn
1 | 2

